Psychologeninstituut maakt geen onderscheid op grond van nationaliteit, maar wel verboden onderscheid op grond van ras door een man af te wijzen vanwege zijn Engelse accent.

Oordeelnummer

2009-46

Samenvatting

Een man, die sinds 1978 in Nederland woont en afkomstig is uit Groot-Brittannië, heeft gesolliciteerd naar de functie van gezondheidszorgpsycholoog. Hij is afgewezen vanwege zijn Engelse accent. Het psychologeninstituut stelt dat het accent van de man in de weg staat aan de goede zorg aan cliënten. De Commissie oordeelt dat er geen sprake is van onderscheid op grond van nationaliteit, omdat de man de Nederlandse nationaliteit heeft en de afwijzing op geen enkele manier samenhangt met deze nationaliteit. Er is geen sprake van direct onderscheid op grond van ras, omdat het instituut meent dat ook stads- en streekaccenten aan een goede zorg in de weg staan. Wel is sprake van indirect onderscheid op grond van ras, in de zin van nationale afstamming. Dit indirecte onderscheid is niet objectief gerechtvaardigd, omdat het psychologeninstituut onvoldoende heeft onderbouwd waarom een optimale zorgverlening aan personen met angstklachten wordt belemmerd, indien de psycholoog met een accent spreekt.

Grond:
Ras
Nationaliteit
Terrein:
Arbeid - Werving en Selectie
Trefwoord:
Aangaan arbeidsverhouding
Objectieve rechtvaardiging
Selectie
Werving & selectie
Sollicitatie
Werving
Ras
Gezondheidszorg
Nationaliteit
Wetsartikel:
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
Dictum:
Geen verboden onderscheid
geprint van: http://cgb.nl/oordelen/oordeel/219924/psychologeninstituut_maakt_geen_onderscheid_op_grond_van_nationaliteit__maar_wel_verboden_onderscheid_op_grond_van_ras_door_een_man_af_te_wijzen_vanwege_zijn_engelse_accent_