Oordeelnummer

2002-84

Samenvatting

Verzoekster is van Iraanse afkomst. Verzoekster was als uitzendkracht werkzaam bij verweerder. Verzoekster had tijdens het werk een politiek getinte discussie met de getuige naar aanleiding van de terroristische aanslagen van 11 september 2001. Op dezelfde dag ontstond onenigheid tussen verzoekster en de getuige naar aanleiding van een rookincident. Verweerder heeft enkele dagen na deze incidenten tussen verzoekster en de getuige de uitzendovereenkomst beëindigd.

De Commissie overweegt dat aan terroristische aanslagen niet zelden politieke motieven of overtuigingen ten grondslag liggen die te vatten zijn onder het begrip 'politieke gezindheid' als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder b, AWGB. Ook het toedichten van een politieke overtuiging valt onder deze grond. Bij autochtone bevolkingsgroepen bestond gedurende de eerste tijd na de aanslagen van 11 september 2001 in verschillende landen de tendens alle personen afkomstig uit islamitische landen over één kam te scheren en als vijandig te beschouwen. De getuige heeft over genoemde discussie geklaagd bij de groepsleider. Verweerder heeft, gezien de nog geringe resterende duur van de uitzendperiode, verzoekster niet gevraagd naar haar kant van het verhaal. De Commissie overweegt dat juist in het licht van de periode vlak na de terroristische aanslagen van 11 september 2001 des te meer zorgvuldigheid van verweerder gevergd had moeten worden bij de afhandeling van de klacht. De Commissie concludeert dat verweerder tekort is geschoten in zijn zorgverplichting de klacht zorgvuldig te behandelen. Het gerezen vermoeden van onderscheid is door verweerder onvoldoende weerlegd.

Grond:
Ras
Politieke gezindheid
Terrein:
Arbeid - Beëindiging arbeidsrelatie
Arbeid - Overig, nl
Trefwoord:
Beëindiging van arbeidsverhouding
Uitzendarbeid
Ras
Wetsartikel:
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
geprint van: http://cgb.nl/oordelen/oordeel/216495