Bedrijf op het gebied van beveiliging maakt geen onderscheid op grond van godsdienst door sollicitant die vrouwen geen hand geeft af te wijzen voor een functie.

Oordeelnummer

2007-180

Samenvatting

Sollicitant is moslim en geeft vrouwen, behoudens noodsituaties, geen hand. Hij solliciteert, via tussenkomst van een re-integratiebureau, naar de functie van kaartcontroleur bij het bedrijf en wordt afgewezen. Volgens de sollicitant is hij afgewezen omdat hij vrouwen geen hand geeft.

In het sollicitatiegesprek heeft het bedrijf de weigering van de sollicitant om hand te geven aan vrouwen aan de orde gesteld. Dit naar aanleiding van de omstandigheid dat cliënt een vrouwelijk medewerker van het bedrijf geen hand gaf. Vanwege de aard van de functie, waarbij het contact met publiek voorop staat en waarbij ook fysiek contact niet kan worden uitgesloten - ook buiten gevallen van nood - heeft het bedrijf met de sollicitant de mogelijkheden willen inventariseren om hem in dienst te kunnen nemen. Sollicitant was, anders dan een andere medewerker die vrouwen geen hand geeft, echter niet bereid naar oplossingen te zoeken en met alternatieven te komen. De Commissie oordeelt dat het bedrijf heeft bewezen dat niet de godsdienst van de sollicitant de reden is geweest om hem niet in dienst te nemen, maar dat de oorzaak was gelegen in de wijze waarop hij zich in het sollicitatiegesprek heeft gepresenteerd.

Geen onderscheid.

 

 

Grond:
Godsdienst
Terrein:
Arbeid - Werving en Selectie
Trefwoord:
Aangaan arbeidsverhouding
Dienstverlening
Islam
Bewijslast
Godsdienst
Handen schudden
Wetsartikel:
Algemene wet gelijke Behandeling
Algemene wet gelijke Behandeling
Dictum:
Geen verboden onderscheid
geprint van: http://cgb.nl/oordelen/oordeel/216388/bedrijf_op_het_gebied_van_beveiliging_maakt_geen_onderscheid_op_grond_van_godsdienst_door_sollicitant_die_vrouwen_geen_hand_geeft_af_te_wijzen_voor_een_functie_