Bedrijf maakt verboden onderscheid naar godsdienst door een sollicitante af te wijzen voor een functie vanwege het dragen van een hoofddoek.

Oordeelnummer

2008-144

Samenvatting

Sollicitante is van mening dat het bedrijf haar niet heeft aangenomen omdat zij om godsdienstige redenen een hoofddoek draagt. Het bedrijf heeft bevestigd dat de sollicitante met een hoofddoek niet in het bedrijf kan werken, omdat het dragen van een hoofddeksel, waaronder ook begrepen een hoofddoek, vanwege het veiligheidsrisico binnen het bedrijf niet is toegestaan. Het verbod van hoofddeksels is vastgelegd in de huisregels van het bedrijf.

Omdat het verbod van hoofddeksels bijdraagt aan het waarborgen van de veiligheid van het personeel, is het middel geschikt. Het middel is echter niet noodzakelijk. Het bedrijf heeft niet onderzocht en is ook niet bereid om te onderzoeken of er alternatieven voorhanden zijn die enerzijds tegemoet komen aan de religieuze overtuiging van de sollicitante en anderzijds voldoende waarborgen bieden ten aanzien van de veiligheid. Het bedrijf heeft derhalve indirect onderscheid op grond van godsdienst gemaakt door de sollicitante af te wijzen voor een functie.

Grond:
Godsdienst
Terrein:
Arbeid - Werving en Selectie
Trefwoord:
Bedrijfsleven
Objectieve rechtvaardiging
Islam
Selectie
Werving & selectie
Hoofddoek
Sollicitatie
Godsdienst
Wetsartikel:
Algemene wet gelijke Behandeling
geprint van: http://cgb.nl/oordelen/oordeel/215606/bedrijf_maakt_verboden_onderscheid_naar_godsdienst_door_een_sollicitante_af_te_wijzen_voor_een_functie_vanwege_het_dragen_van_een_hoofddoek_