Samenvatting
Een kennisinstituut voor maatschappelijke ontwikkeling spreekt in een advertentietekst haar voorkeur uit voor een mannelijke kandidaat met een migranten- of vluchtelingenachtergrond ten behoeve van de functie projectleider/ trainer diversiteit. Daarmee maakt het instituut direct onderscheid op grond van ras en geslacht. Het instituut beroept zich, ondanks de gebezigde terminologie niet op de wettelijke uitzondering voorkeursbeleid maar wel op de uitzonderingen ras- en geslachtsbepaaldheid. Deze uitzonderingen zijn echter beide niet van toepassing in de onderhavige zaak. Het instituut maakt derhalve direct onderscheid op grond van ras en geslacht.