Verzoekster is van Indische afkomst en heeft een donkere huidskleur. Bij haar leidinggevende klaagt zij over het gedrag van een collega. Eén van de voorbeelden die zij noemt is een opmerking van de collega toen verzoekster haar een ring liet zien: "Al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding."
De Commissie concludeert dat begrijpelijk is dat het spreekwoord bij verzoekster associaties met haar huidskleur heeft opgeroepen. Het enkele feit dat deze opmerking een keer is gemaakt is niet voldoende om het wettelijk vereiste vermoeden van onderscheid op grond van ras bij de bejegening te kunnen vestigen. Met betrekking tot de vraag of verweerster had moeten begrijpen dat verzoekster de opmerking opvatte als een racistische opmerking, overweegt de Commissie dat tegenwoordig het woord "aap" zo veelvuldig met een racistische lading wordt gebruikt, dat verweerster inderdaad duidelijk had moeten zijn dat deze associatie bij verzoekster werd opgeroepen. Daardoor heeft verweerster niet voldaan aan de van haar verlangde zorgvuldigheid. Strijd met de wet.